Certified Feed Chain Alliance

Menu

Algemene voorwaarden voor de goederenbehandeling en de eraan verwante activiteiten aan de haven van Antwerpen




Artikel 1. Partijen. Gelding algemene voorwaarden. 

- De opdrachtgever is de rechtspersoon of de natuurlijke persoon, daarin begrepen al zijn hulpperso-nen, die een opdracht toevertrouwt aan de opdrachtnemer. 

- De opdrachtnemer is de rechtspersoon of de natuurlijke persoon, daarin begrepen al zijn hulpper-sonen, die deze opdracht aanvaardt en uitvoert of geheel of gedeeltelijk doet uitvoeren. 

Elke overeenkomst, waarmee een opdracht aan de opdrachtnemer wordt toevertrouwd, wordt ge-sloten onder gelding van de hiernavolgende voorwaarden. De opdrachtgever erkent hiervan effectief kennis te hebben genomen, of er alleszins kennis van te hebben kunnen nemen, hetzij via de website waar in het aanbod of de onderhandeling naar wordt verwezen, hetzij via elektronische of papieren correspondentie waar ze als bijlage worden gevoegd, en ze aldus te hebben aanvaard. 

Deze algemene voorwaarden doen geen afbreuk aan de reglementen en gebruiken van de Haven van Antwerpen-Brugge. 

De algemene voorwaarden van de opdrachtgever maken geen deel uit van de overeenkomst, in af-wijking van artikel 5.23, § 3 Burgerlijk Wetboek. 

 

Artikel 2. Aard van de opdracht. 

De opdracht omvat werkzaamheden van materiële of intellectuele aard, die onder meer betrekking hebben op het voorbereiden, organiseren, uitvoeren en opvolgen van activiteiten zoals laden, lossen, behandelen, vastzetten en zekeren, ontvangen, controleren, markeren, afleveren en bewaren van goederen, vervoeren in het havengebied (KB 12.8.1974, artikel 2, § 4), met inbegrip van alle aanver-wante en bijkomende opdrachten en werkzaamheden. Deze opsomming is niet beperkend. 

 

Artikel 3. Instructies van de opdrachtgever. 

3.1. Inhoud van instructies. 

De opdrachtgever deelt de instructies voor de uitvoering van de opdracht schriftelijk, volledig, on-dubbelzinnig en tijdig mee aan de opdrachtnemer, uiterlijk vóór de aanvang van de uitvoering van de opdracht. Deze instructies omvatten minstens (maar zijn niet beperkt tot) de volgende gegevens: 

a. De juiste en nauwkeurige omschrijving van de goederen,onder meer (maar niet beperkt tot) hun soort, aantal, gewicht, toestand en gevarenklassealsook de verpakkingseenheden en de relevante temperatuurvereisten, classificaties (zoals vangevaarlijke goederen) enreglementeringen.

b. Alle onderrichtingen en alle beperkingen in verband met de bescherming, de behandeling of het verblijf van de goederen en de uitvoering van de opdracht in het algemeen.

c. Alle onderrichtingen met betrekking tot de bescherming van de hulppersonen.

3.2. Merken van de goederen. 

De goederen dienen alle noodzakelijke merken te dragen in verband met hun karakteristieken en voor hun herkenning. Tenzij het gebruikelijk is de goederen niet te verpakken, verpakt de opdracht-gever de goederen op de wijze vereist voor de uitvoering van de opdracht. 

3.3. Vervoermiddelen. 

De opdrachtgever biedt de ter beschikking gestelde vervoermiddelen aan derwijze dat de uit te voe-ren opdracht onmiddellijk kan worden aangevat, en dit in overeenstemming met de gebruikelijke werkwijze en de relevante wettelijke bepalingen. De opdrachtnemer staat niet in voor de ladingzeke-ring en het respecteren van de maximaal toelaatbare massa en de aslasten van het voertuig. De ver-voerder heeft de verplichting om voor aanvang van het vervoer te verifiëren of de stuwage en, indien van toepassing, het vastzetten van de lading uitgevoerd werden in overeenstemming met de techni-sche vereisten eigen aan het voertuig en in overeenstemming met de toepasselijke wettelijke bepa-lingen. 

3.4. Controle door de opdrachtgever. 

De opdrachtgever kan de installaties, magazijnen en bedrijfsmiddelen vóór hun ingebruikname op hun geschiktheid controleren. Bij gebrek van dergelijke controle of van een gemotiveerd voorbe-houd, worden zij geacht geschikt te zijn bevonden. 

3.5. Aansprakelijkheid van de opdrachtgever. 

De opdrachtgever is aansprakelijk voor het geven van foutieve, laattijdige of onnauwkeurige instruc-ties en vergoedt de opdrachtnemer voor alle schade, verlies en kosten die voortvloeien uit enige inbreuk op de hierboven omschreven verplichtingen, zelfs indien de inbreuk te wijten is aan derden. 

Indien de opdrachtnemer door derden wordt aangesproken wegens een schade of verlies voortvloei-end uit een inbreuk door de opdrachtgever op de hierboven omschreven verplichtingen, vrijwaart de opdrachtgever de opdrachtnemer tegen alle gevolgen van dergelijke vorderingen op zijn eerste ver-zoek. 
 

Artikel 4. Beschikkingsrecht over de goederen. 

4.1. Hoedanigheid van de opdrachtgever. 

De opdrachtgever bevestigt en garandeert dat hij ten aanzien van de goederen, die het voorwerp zijn van de opdracht, optreedt hetzij als eigenaar, hetzij als mandataris of vertegenwoordiger in rechte van de eigenaar of een andere persoon die een belang heeft bij de goederen, en dat hij aldus een voldoende beschikkingsrecht over deze goederen heeft om de huidige opdracht te doen uitvoeren. 

De opdrachtgever verbindt zich ertoe om de contractvoorwaarden van de opdracht, hierin begrepen de onderhavige algemene voorwaarden, niet alleen voor zichzelf te aanvaarden, maar uitdrukkelijk ook in naam en voor rekening van zijn opdrachtgever, principaal en/of welke andere rechthebbende bij de goederen dan ook. 

4.2. Aansprakelijkheid van de opdrachtgever. 

Indien de opdrachtgever niet over het in artikel 4.1 omschreven beschikkingsrecht beschikt, vrijwaart hij de opdrachtnemer tegen de gevolgen van alle aanspraken van derden, van welke aard dan ook, op grond van hun beschikkingsrecht of eigen recht op de goederen. 
 

Artikel 5. Uitvoeringsperiode, levering en risico-overgang, aanvaarding. 

5.1. Uitvoeringsperiode. 

Een opgegeven levertijd of uitvoeringsperiode is indicatief en bindt de opdrachtnemer niet, tenzij uitdrukkelijk en schriftelijk anders overeengekomen. De looptijd ervan gaat pas in wanneer alle rele-vante commerciële, operationele en technische informatie is uitgewisseld en eventueel overeenge-komen voorschotten of termijnbetalingen zijn ontvangen. Zelfs bij een bindende termijn of periode wordt deze van rechtswege aangepast zonder dat daarover een bijkomende overeenkomst is vereist, in de volgende gevallen: 

a. Indien er tijdens de uitvoering omstandigheden opduiken, die de opdrachtnemer niet kende en niet behoorde te kennen toen hij de levertijd of uitvoeringsperiode opgaf, wordtde levertijd of uitvoeringsperiode verlengd met de tijd diede opdrachtnemer, met inachtneming van zijn interne planning, redelijkerwijze nodig heeft om de opdracht onder deze omstandigheden uitte voeren.

b. Bij meerwerkof wijziging van de opdrachttijdensde uitvoeringwordt de levertijd of uitvoerings-periode verlengdmet de tijd die de opdrachtnemer, met inachtneming van zijninterne planning, redelijkerwijze nodig heeft om de materialen daarvoor te leveren en om het meerwerk te verrich-ten.

c. Wanneer de opdrachtnemer de uitvoering vande opdracht heeft opgeschort om een legitieme reden (bijvoorbeeld niet betaling van facturen door de opdrachtgever), wordtde levertijd of uit-voeringsperiode verlengd met de tijd diehij, met inachtneming van zijn interne planning, nodig heeft om deopdracht uit te voeren nadat de reden voor de opschortingis vervallen.

d. Elke wijziging of verlenging van de uitvoeringsperiodevolgt automatisch uit dit artikel zonder dat hetde opdrachtgever recht geeft op enige schadevergoeding, prijsvermindering of ontbinding van de overeenkomst.

5.2. Levering, risico-overgang en keuring 

De levering vindt plaats op het tijdstip dat de opdrachtnemer, hetzij de volledige opdracht heeft uit-gevoerd op de daartoe voorziene locatie, hetzij het voorwerp van de opdracht op zijn bedrijfslocatie ter beschikking stelt aan de opdrachtgever, en hij de opdrachtgever schriftelijk heeft verwittigd dat het voorwerp ter beschikking is. Vanaf dat tijdstip draagt de opdrachtgever het risico van het voor-werp, onder meer (maar niet beperkt tot) bij afhaling, bij opslag en bewaring door de opdrachtne-mer, bij laden, vervoer en lossen. 

5.3. Aanvaarding door de opdrachtgever. 

De opdrachtgever keurt de uitvoering van de opdracht onmiddellijk nadat de opdrachtnemer hem ervan heeft verwittigd, zoals omschreven in artikel 5.2, dat het voorwerp van de opdracht ter be-schikking is. De uitvoering van de opdracht wordt als aanvaard beschouwd in de volgende gevallen: 

a. De opdrachtgever heeft de uitgevoerde opdracht goedgekeurd.

b. De opdrachtgever heeft het voorwerp van de opdracht zonder voorbehoud afgehaald of in gebruik genomen.

c. De opdrachtnemer heeft deopdrachtgever schriftelijk verwittigd dat de opdracht is uitgevoerd en het voorwerp ter beschikking is, en de opdrachtgever heeft nietper kerende, of binnen 14 kalen-derdagen na de dag van de verwittiging, naar gelang het geval, schriftelijkmeegedeeld dat de uit-gevoerde opdracht niet is goedgekeurd.

d. Deopdrachtgever weigert de uitgevoerde opdracht goed te keuren op grond vankleine gebreken, die binnen30 kalenderdagen kunnen worden hersteld of na-geleverd, en diede ingebruikname van het voorwerp niet verhinderen.In dit geval wordt de opdracht als aanvaard beschouwd onder voorbehoud van herstel.

5.4. Protest door de opdrachtgever. 

De opdrachtgever, die de goedkeuring van de uitgevoerde opdracht weigert, moet een schriftelijk protest richten tot de opdrachtnemer, waarin een gedetailleerde opgave van de technische redenen van de weigering wordt gedaan. Dit protest wordt gedaan op een van de volgende tijdstippen: 

a. Indien het opgegeven gebrek zichtbaar is op het tijdstip van de terbeschikkingstelling, protesteert de opdrachtgever onmiddellijk, tijdens of dadelijk na de keuring. 

b. Indienhet opgegeven gebrek niet zichtbaar was op het tijdstip van de terbeschikkingstelling, pro-testeert de opdrachtgever binnen8kalenderdagen na de verwittiging door de opdrachtnemer.

Indien de opdrachtgever niet schriftelijk en gemotiveerd heeft geprotesteerdop de hierboven be-schreven wijze, vervalt alle aansprakelijkheid van de opdrachtnemeren kan de opdrachtgever geen beroep meer doen op een gebrek in de uitgevoerde prestatie.

De opdrachtgever stelt in elk geval de opdrachtnemer in de gelegenheid om de opgegeven gebreken, in de mate dat zij werkelijk blijken te bestaan, alsnog recht te zetten binnen een redelijke termijn, die niet minder dan 15 werkdagen mag bedragen. 

 

Artikel 6. Aansprakelijkheid van de opdrachtnemer. 

6.1. Inspanningsverbintenis. 

De opdrachtnemer voert de opdracht uit naar best vermogen, in overeenstemming met de professi-onele standaarden die gelden in de sector en met de gewoonten, gebruiken en reglementeringen van de haven. 

6.2. Grondslag van de aansprakelijkheid. 

De opdrachtnemer is aansprakelijk voor de zekere en bewezen materiële schade en verlies, die het rechtstreeks gevolg is van de concreet bewezen fout van hemzelf of van de hulppersonen voor wie hij instaat, voor zover het causaal verband tussen beide afdoende wordt bewezen. 

6.3. Schadebeperkingsplicht van de opdrachtgever. 

De opdrachtgever treft alle redelijke maatregelen om de schadelijke gevolgen van een eventuele niet-nakoming door de opdrachtnemer te voorkomen en te beperken. Indien de opdrachtgever na-laat om deze maatregelen te nemen, dan komt de schade die hieruit voortvloeit voor zijn rekening. 

6.4. Verandering van omstandigheden. 

Indien de omstandigheden, waarin de overeenkomst wordt uitgevoerd, dermate wijzigen dat de oorspronkelijke prestatie buitensporig bezwarend wordt voor de opdrachtnemer, onderhandelen de partijen te goeder trouw over een aanpassing van de overeenkomst. Indien deze onderhandelingen niet tot een door alle partijen aanvaard resultaat leiden binnen een termijn van 15 werkdagen, gel-den de remedies van artikel 5.74 Burgerlijk Wetboek. 

6.5. Onderaanneming. 

De opdrachtnemer mag het geheel of een deel van zijn verbintenissen onder de overeenkomst uitbe-steden aan onderaannemers en verbonden ondernemingen, onder welke voorwaarden dan ook. 

 

Artikel 7. Ontheffing en beperking van aansprakelijkheid. 

7.1. Uitsluiting van gevolgschade en daarmee verwante schade. 

Niettegenstaande enige andersluidende bepaling, zal de opdrachtgever geen schadevergoeding eisen van de opdrachtnemer ingeval van de hiernavolgende soorten schade: 

a. Immateriële, niet-economischeofextra-patrimoniale schade.

b. Onrechtstreekseschade, schade bij terugslagof afgeleide schade.

c. Gevolgschade, die onder meer omvat: zuiver economisch verlies(zoals stagnatieschade, produc-tieverliesen gederfde winst),transportkosten,reis-en verblijfkosten, wachttijden, lig-, staan-en opslaggelden, bedrijfsschade, boetesen soortgelijke heffingen.

De opdrachtgever vrijwaart de opdrachtnemer tegen alle aanspraken van derden die betrekking hebben op de hierboven uitgesloten schadeposten. 

7.2. Hulppersonen. 

De opdrachtnemer is niet aansprakelijk voor de zware fout en/of de bewuste roekeloosheid van de hulppersonen, voor wie hij instaat. 

7.3. Specifieke bevrijdingsgronden. 

Niettegenstaande enige andersluidende bepaling, zal de opdrachtgever geen schadevergoeding eisen van de opdrachtnemer in de volgende gevallen, wie of wat er ook de oorzaak van is: 

a. Schade ofverlies ontstaan vóór of na de daadwerkelijke uitvoering van de opdracht door de op-drachtnemer.

b. Overschrijding van de levertijd of uitvoeringsperiode zoals omschreven in artikel 5.

c. Overmachtof omstandigheden buiten de redelijke controle van de opdrachtnemer.

d. Tekort aan personeel, zelfs indien te wijten aan de interne organisatie van de opdrachtnemer.

e. Diefstal, ongeacht of die gepaard gaat met braakof andere inbraakmethodes.

f. Eigen gebrek van de goederen of van hunverpakking.

g. Schade veroorzaakt door natuurelementen of externe gebeurtenissen zoals wateroverlast, wind-hoos, (wind)storm, instorting, ontploffing ofbrand.

h. Handelingen, fouten of nalatighedenvan derden.

i. Eigen fout van de opdrachtgever.

j. Onvolledige, laattijdige, foutieve of ontbrekende informatie, instructies of gegevens vanwege de opdrachtgever of van door hem ingeschakelde derden, ongeacht hun bevoegdheid.

k. Schade of verlies ontstaan uit onvoldoende of foutieve etikettering, verpakking of markering van de goederen.

l. Technische defecten of storingen in de bedrijfsmiddelen, infrastructuur ofsystemen van de op-drachtnemer.

De opdrachtgever vrijwaart de opdrachtnemer tegen alle gevolgen, die de opdrachtnemer zou on-dervinden van door derden ingestelde vorderingen, die betrekking hebben op de hierboven uitgeslo-ten materies. 

7.4. Geldelijke beperkingen van de aansprakelijkheid. 

Indien enige aansprakelijkheid is vastgesteld in hoofde van de opdrachtnemer, is de schadevergoe-ding, waartoe hij is gehouden, in elk geval beperkt als volgt. 

a. De omvang van de aansprakelijkheid van de opdrachtnemer is algemeen beperkt tot 2,50euro per kilogrambeschadigd of verloren gegaan brutogewicht.

b. Specifiek voor staalproductenis de omvang van de aansprakelijkheid van de opdrachtnemerbe-perkt tot 1.250euro per beschadigde of verloren collo.Staalproducten omvatten onder meer (maar zijn niet beperkt tot):coils, sheets, plates, slabs, pipes, tubes, beams, bars, blooms, billets, wire rods en cast iron pipes.

c. Ongeachthet aantal colliof het gewichtvan de beschadigde of verloren goederen,is de omvang van de geaggregeerde aansprakelijkheid van de opdrachtnemer altijd beperkt tot 30.000 euro per gebeurtenis of reeks van gebeurtenissen, dieuit eenen dezelfde oorzaak zijn ontstaan.

d. Voor schade veroorzaakt aan een schip of een ander vervoermiddel, waarop de opdracht betrek-king heeft,is de omvang van de aansprakelijkheid van de opdrachtnemer altijd beperkt tot 30.000 euro.

e. Bijsamenloop van verschillende vorderingen tot vergoeding vanschade aan een schip of ver-voermiddelwaarop de opdracht betrekking heeft, schade aan of verlies van goederen, schade aanmaterieel ter beschikking gesteld door de opdrachtgever of door derden, is de totale omvang van deaansprakelijkheid van de opdrachtnemer beperkt tot 60.000 euro, welk ook het aantal bena-deelden zij.Als het bedrag van de reële schade hoger is dan het beperkingsbedrag, kan elke bena-deelde slechts aanspraak maken op een deel van het beperkingsbedrag, in proportie tot zijn aan-deel in de reële schade. Op de opdrachtnemer rust desbetreffend geen aansprakelijkheid in soli-dum.

 

Artikel 8. Vorderingen buiten contract. 

8.1. Vorderingen tussen de contractpartijen. 

Beide partijen verbinden zich ertoe om jegens elkaar in geen enkel geval enige met het contract sa-menlopende buitencontractuele vordering te stellen, wat ook de grondslag daarvan zij (foutaanspra-kelijkheid, kwalitatieve aansprakelijkheid, objectieve aansprakelijkheid). In elk geval worden vorde-ringen tussen de partijen, voor zowel contractuele als buitencontractuele schade, veroorzaakt door de niet-nakoming van een contractuele verbintenis of van een op iedereen rustende zorgvuldig-heidsverplichting, uitsluitend beheerst door de tussen partijen geldende contractuele afspraken, de wetgeving inzake bijzondere contracten en de bijzondere verjaringsregels van toepassing op het con-tract, met uitsluiting van de wettelijke bepalingen inzake buitencontractuele aansprakelijkheid. 

8.2. Rechtstreekse vorderingen door een contractpartij tegen een hulppersoon. 

De partijen doen jegens elkaar afstand van elke buitencontractuele rechtstreekse aansprakelijkheids-vordering voor schade veroorzaakt door de niet-nakoming van een contractuele of andere verbinte-nis tegen al hun respectieve hulppersonen. Beide partijen verbinden zich er aldus toe dat zij de hulp-personen, waarvan hun wederpartij zich bedient, niet aansprakelijk zullen stellen op buitencontrac-tuele grondslag (niet rechtstreeks, niet hoofdelijk, niet in solidum met de wederpartij), in afwijking van artikel 6.3, § 2 Burgerlijk Wetboek. Deze categorie van hulppersonen omvat onder meer, maar is niet beperkt tot, de bestuurders, vertegenwoordigers, aandeelhouders, medewerkers (al dan niet zelfstandig), zelfstandige consulenten, interim-personeel, sub-contractanten, onderaannemers, aan-gestelden, en in het algemeen elke hulppersoon van de wederpartij, evenals de respectieve (even ruim omschreven) hulppersonen van deze hulppersonen. 

Tussen de partijen staat aldus vast dat elke met de mogelijke contractuele vorderingen co-existerende buitencontractuele vordering uitgesloten is. 

8.3. Rechtstreekse vorderingen door een derde tegen een hulppersoon. 

Indien de opdrachtgever, in een overeenkomst met een derde partij waarbij de opdrachtnemer zelf als hulppersoon van de opdrachtgever optreedt, bedingen inlast die strekken tot bevrijding of beper-king van zijn aansprakelijkheid, dan bedingt hij diezelfde contractuele bescherming ten gunste van de opdrachtnemer (die, als hulppersoon van de opdrachtgever, de derde begunstigde wordt van dit beding), en ten gunste van alle rechtstreekse en onrechtstreekse hulppersonen van de opdrachtne-mer, tot zover als er sub-contracten met hulppersonen worden gesloten. 

Beide partijen verbinden zich er bovendien toe dat zij in elk contract met een derde, dat enig ver-band vertoont, in de ruimste zin, met de overeenkomst, een contractueel verbod zullen opnemen dat ertoe strekt om deze derde, op dezelfde wijze en met dezelfde modaliteiten als omschreven in de 

voorgaande paragrafen, te verbieden om een rechtstreekse buitencontractuele vordering te stellen jegens de wederpartij bij de huidige overeenkomst en jegens alle (directe of indirecte) hulppersonen van de wederpartij. Aan dit verbod wordt een forfaitaire schadevergoeding verbonden, die gelijk is aan het bedrag dat de derde via de rechtstreekse buitencontractuele vordering zou kunnen recupe-reren of effectief recupereert van de wederpartij of een hulppersoon van de wederpartij. Deze scha-devergoeding wordt opeisbaar wanneer de buitencontractuele vordering wordt gesteld, en beide partijen verbinden zich ertoe om, in voorkomend geval, deze schadevergoeding ook effectief op te eisen. De opdrachtgever verbindt zich er in het bijzonder toe om een dergelijk verbod met schade-vergoeding op te leggen aan al zijn medecontractanten en klanten, ten gunste van de opdrachtnemer en alle hulppersonen van de opdrachtnemer; de opdrachtnemer verbindt zich tot hetzelfde ten gun-ste van de opdrachtgever. Het voorgaande sluit niet uit dat de wederpartij, die zich alsnog recht-streeks buitencontractueel aangesproken ziet door een derde, zich in die procedure beroept op alle voorwaarden, ontheffingen en beperkingen van de overeenkomst, zoals bepaald in artikel 6.3, § 2 Burgerlijk Wetboek. 

 

Artikel 9. Prijs en kosten. 

9.1. Prijsaanpassing. 

De opdrachtnemer mag een stijging van kostprijsbepalende factoren, die is opgetreden na het sluiten van de overeenkomst en buiten de redelijke controle van de opdrachtnemer valt, aan de opdracht-gever doorrekenen. De opdrachtgever is ertoe gehouden om de prijsstijging op eerste verzoek van de opdrachtnemer te voldoen. 

9.2. Voorschotten en kosten. 

Bij de uitvoering van de opdracht voorgeschoten gelden en kosten worden op eenvoudige voorleg-ging van de relevante bewijsstukken contant terugbetaald. 

Alle kosten voortvloeiend uit beslissingen van de overheid en uit vorderingen die een overheid je-gens de opdrachtnemer doet gelden, evenals alle kosten die de opdrachtnemer maakt om zich tegen dergelijke aanspraken te verdedigen, komen voor rekening van de opdrachtgever. Zij worden op eenvoudige voorlegging van de relevante bewijsstukken contant terugbetaald. 

De opdrachtgever staat zelf in voor de opruiming en/of verwijdering van beschadigde goederen. De opdrachtgever vergoedt de opdrachtnemer voor alle kosten, die de opdrachtnemer heeft gemaakt voor het behoud van de in bewaring gegeven goederen, en voor alle verliezen die de bewaarneming van de goederen (al dan niet uit noodzaak) eventueel heeft veroorzaakt 

9.3. Facturen 

Tenzij anders overeengekomen, zijn alle door de opdrachtnemer gefactureerde bedragen onmiddel-lijk en zonder korting of verrekening contant betaalbaar. De betalingsverplichting ontstaat bij ont-vangst van de factuur, ongeacht enige discussie over de inhoud of uitvoering van de opdracht. 

9.4. Protest, verwijlinterest, vergoeding. 

Een protest tegen een factuur dient schriftelijk door de opdrachtnemer te zijn ontvangen binnen 14 kalenderdagen volgend op de factuurdatum. Gedeeltelijk protest schort de betaling van de niet-geprotesteerde delen van de factuur niet op. 

Bij laattijdige betaling is van rechtswege een verwijlintrest verschuldigd gelijk aan de intrestvoet van de Wet van 2 augustus 2002 op de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. 

Tevens is, na ingebrekestelling, een forfaitaire vergoeding verschuldigd tot beloop van 10% van het factuurbedrag, met een minimum van 125 euro voor administratiekosten. 

 

Artikel 10. Verzekeringen. 

De opdrachtnemer is er in geen geval toe gehouden om de goederen op welke wijze ook te verzeke-ren, tenzij dit uitdrukkelijk en schriftelijk met de opdrachtgever is overeengekomen. 

De partijen en hun respectieve verzekeraars doen afstand van verhaal ten aanzien van elkaar en alle derden voor alle schade ten gevolge van brand, ontploffing, blikseminslag of inslag door luchtvaar-tuigen ongeacht waar, wanneer of hoe deze schade zich voordoet, hierin begrepen tegen de hulp-personen van de wederpartij. 

 

Artikel 11. Zekerheden. 

Tot zekerheid voor de betaling van alle sommen die de opdrachtgever aan de opdrachtnemer ver-schuldigd is, verleent de opdrachtgever de hiernavolgende rechten aan de opdrachtnemer: 

a. Een conventioneel retentierecht op alle roerende goederen die hij feitelijk aan de opdrachtnemer overdraagt of ter beschikking stelt naar aanleiding van de onderhavige opdracht, evenals van an-dere opdrachten, zelfs als die met de onderhavige opdracht geen verband houden.

b. Alle rechten voorzien in artikel1948 (Oud) Burgerlijk Wetboeken in de Wet Roerende Zekerheden van 11 juli 2013 (“Pandwet”).

De opdrachtnemer oefent zijn retentierecht en pandrecht uit op deze goederen tot zekerheid van alle vorderingen die hij heeft en zal hebben tegen de opdrachtgever, zelfs al hebben deze vorderin-gen een andere oorzaak dan de gegeven opdracht. Indien de opdrachtgever in gebreke blijft, is de opdrachtnemer er, na aanmaning, toe gerechtigd om de goederen te doen verkopen. 

 

Artikel 12. Verjaring. 

Onverminderd de voorgaande bepalingen, verjaart elke vordering tegen de opdrachtnemer na ver-loop van 12 maanden te rekenen vanaf de dag waarop de opdracht, die er de aanleiding toe is, feite-lijk werd uitgevoerd of vanaf de dag, waarop de in artikel 5.2 omschreven verwittiging is gegeven, of bij betwisting hieromtrent, uiterlijk 12 maanden na de datum van de eerste relevante schriftelijke aansprakelijkheidsstelling van de opdrachtnemer door de opdrachtgever. 

 

Artikel 13. Deelbaarheid. 

Indien enige bepaling van deze algemene voorwaarden in strijd is met dwingende bepalingen van de wet, wordt enkel deze bepaling voor niet geschreven gehouden, zonder dat dit enige weerslag heeft op de geldigheid en toepasbaarheid van de overige bepalingen. 

 

Artikel 14. Toepasselijk recht en bevoegde rechter. 

Alle rechtsbetrekkingen tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer zijn onderworpen aan deze algemene voorwaarden, behoudens afwijkende schriftelijke overeenkomst tussen de partijen. 

De contractuele relatie tussen opdrachtgever en opdrachtgever, inclusief deze algemene voorwaar-den, wordt beheerst door het Belgische recht. 

In geval van geschil zijn uitsluitend de rechtbanken van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen bevoegd. 

 

Artikel 15. Taal en interpretatie. 

Deze algemene voorwaarden zijn in het Nederlands, Engels en Frans opgesteld. Bij tegenstrijdighe-den, onduidelijkheden of interpretatiegeschillen tussen de verschillende taalversies, heeft de authen-tieke Nederlandse tekst steeds voorrang. 

 

Artikel 16 

Deze voorwaarden zijn van kracht vanaf 15 juli 2025.